toeslagrecht

Verschil #13

2026-10-30 · zorgtoeslag / 2022 · status open

De tekst hieronder is in het Engels, zoals het logboek het bijhoudt.

Wet op de zorgtoeslag art. 1 lid 1 onder f (BWBR0018451, geldend van 01-01-2026); Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag art. 8 lid 1 onder b. Dezelfde tekst in de versies van 01-01-2025 en 01-01-2024.

Wzt art. 2 lid 1 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2026).

Wzt art. 2 lid 2 en lid 3 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2026; percentages per jaar in parameters/).

Awir art. 14 lid 4: "Het bedrag van de tegemoetkoming wordt rekenkundig afgerond op hele euro's." (BWBR0018472, geldend van 01-01-2026; dezelfde tekst in de versies van 01-01-2025 en 01-01-2024, verbatim gelezen 2026-10-08 en 2026-10-09. De wetstechnische informatie van art. 14 vermeldt geen enkele wijziging van het artikel, geraadpleegd 2026-10-09.) De bedragen van art. 7 lid 3, 4 en 6 en art. 26a per jaar staan in parameters/<jaar>.yaml (2024, 2025: Stcrt. 2024, 38492; 2026: Stcrt. 2025, 40487; 2023: tekst van 01-01-2023, verbatim gelezen 2026-10-11, ontstaan uit Stcrt. 2022, 32674; 2022: Stcrt. 2021, 48308; 2021: tekst van 01-01-2021, verbatim gelezen 2026-10-13 — het eerste jaar van de rendementsgrondslag-toets van art. 7 lid 3, Wet aanpassing box 3, Stb. 2020, 546, art. III, en lid 6 uit Stcrt. 2020, 64406; 2020: tekst van 01-01-2020, verbatim gelezen 2026-10-14 — art. 7 lid 3 noemde toen geen bedrag maar ontzegde de tegemoetkoming zodra voordeel uit sparen en beleggen in aanmerking werd genomen, lid 6 € 4.964); de zorgtoeslag gebruikt ze niet (Wzt art. 3 lid 1; in 2020 t/m 2024 art. 2a lid 1).

Date
2026-10-30
Case
zt-2022-rul-007 (herzien voorschot 2022)
Toeslag / year
zorgtoeslag / 2022
Encoding outcome
€ 895: the text of 2022 met partner at a gezamenlijk toetsingsinkomen of € 34.540 — 2 × € 1.749 − (4,225% × € 22.356 + 13,610% × € 12.184) = € 3.498 − € 2.602,78 = € 895,22, rounded once (Awir art. 14 lid 4)
Government outcome
€ 901: Dienst Toeslagen, as quoted in Rechtbank Zeeland-West-Brabant 3 september 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:6154: 'Daaropvolgend heeft de Dienst Toeslagen op 4 februari 2023 een nieuwe voorschotberekening gemaakt, waarin het voorschot zorgtoeslag voor het jaar 2022 voorlopig wordt vastgesteld op € 901,-', on 'Het inkomen wordt dan geschat op € 34.540,-' (a pensioen nabetaling of the echtgenote counted); the same ruling writes '€ 905,-' once (procesverloop) and '€ 901,-' twice, and € 1.652 reclaimed = € 2.553 − € 901. The first voorschot of the same ruling, € 2.553 at € 20.876, is zt-2022-rul-006 and passes
Rule(s)
zt-2026-art1-1f, zt-2026-art2-1, zt-2026-art2-2, awir-2026-art14-4 (parameters 2022: standaardpremie € 1.749, Stcrt. 2021, 47872; 4,225% / 13,610%, Stb. 2021, 574; WML januari 2022 € 1.725,00, Stcrt. 2021, 44177)
Status
open
Classification argued in
CHANGELOG.md 2026-10-30: noticed, not yet investigated. The text gives € 901 at a gezamenlijk inkomen of € 34.497 and € 905 at € 34.468, so an estimate other than the € 34.540 the ruling quotes would explain either figure; the ruling names no other income, no woonland and no months. To be classified when the inputs of the voorschot are known