toeslagrecht

Voorbeeld zt-2016-rul-005

zorgtoeslag · 2016 · bron: ruling · niet geverifieerd

De bron

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 april 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:2319 (zaaknr. BRE 17/6534 HUUR), procesverloop en r.o. 4: 'Bij besluit van 7 juli 2017 (primair besluit) heeft Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag over 2016 definitief vastgesteld op € 439,- en aangegeven dat eiser € 406,- moet terugbetalen.' 'In het geval van eiser is het toetsingsinkomen volgens de definitieve aanslag inkomstenbelasting 2016 vastgesteld op een bedrag van € 15.070,-,-. Ten aanzien van zijn toeslagpartner is het toetsingsinkomen vastgesteld op een bedrag van € 16.604,-. Het gezamenlijke toetsingsinkomen bedraagt derhalve € 30.674,-.' 'Nu het toetsingsinkomen voor eiser en zijn toeslagpartner is vastgesteld op € 30.670,- heeft Belastingdienst/Toeslagen terecht aangegeven dat eiser geen recht heeft op huurtoeslag ... Verder heeft Belastingdienst/Toeslagen het recht op zorgtoeslag op basis van het toetsingsinkomen terecht vastgesteld op € 439,-.' Beroep ongegrond

https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2018:2319 (opgehaald 2026-10-29)

Wat is ingevuld

partner
True
partner_verzekerd
True
toetsingsinkomen_aanvrager
30670
toetsingsinkomen_partner
0
rendementsgrondslag
—

Verwacht en berekend

VeldVerwacht (bron)Berekend (wettekst)Gelijk
tegemoetkoming439.00439.00 (exact 439)ja

Definitieve berekening 2016 (7 juli 2017), met partner: € 439. De uitspraak noemt drie inkomensbedragen die niet kloppen met elkaar: € 15.070 + € 16.604 = € 31.674 (niet de genoemde € 30.674), en in de conclusie € 30.670. De tekst van 2016 geeft bij een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 30.670 precies € 439 (normpremie 5,22% × € 19.758,816 + 13,43% × € 10.911,18 = € 2.496,78; 2 × € 1.468 − € 2.496,78 = € 439,22 → € 439, via build.run_case) en bij € 31.674 € 304. De case voert daarom € 30.670 in als gezamenlijk toetsingsinkomen (partner € 0), de lezing dat de Dienst met € 30.670 rekende en een van de twee deelbedragen in de uitspraak verschreven is; dat is de lezing van de operator, en de verifieerder toetst haar. De huurtoeslag 2016 nihil boven de inkomensgrens van € 30.050 is geen onderdeel van deze case. Wordt 'verified' op dezelfde voet (ASKS.md 9).

Stap voor stap, volgens de wettekst

Naar de letter van de wet krijgt u in 2016

€ 439 per jaar

Berekend € 439,22 per jaar, afgerond op hele euro’s (Awir art. 14 lid 4). Per maand is dat € 36,60. Dienst Toeslagen betaalt hele euro’s per maand en komt dan op € 36; waar dat afronden per maand in de wet staat, hebben wij niet gevonden.

Dit is wat de wet zegt voor wat u invulde. Het is geen advies en geen aanvraag; aanvragen doet u op toeslagen.nl.

Alle regels in deze berekening: draft.

  1. Uw toetsingsinkomen en dat van uw partner tellen samen. Uitkomst: € 30.670,00.

    Awir art. 7 lid 1 · draft30670 + 0

  2. Is het vermogen op 1 januari boven de grens, dan is er het hele jaar geen zorgtoeslag. Uitkomst: niet getoetst, want geen vermogen opgegeven.

    Wzt art. 2a lid 1 (tekst 2016) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2016 t/m 31-12-2016 (verbatim gelezen 2026-10-22)) · draftGeen vermogen opgegeven; de vermogenstoets is niet uitgevoerd.

  3. Het drempelinkomen: 108% van twaalf keer het minimumloon per maand van januari. Uitkomst: € 19.758,82.

    Wzt art. 1 lid 1 onder f; WML art. 8 lid 1 onder a · draft108% × 12 × 1524.60

  4. De normpremie: wat u volgens de wet zelf aan premie kunt dragen. Uitkomst: € 2.496,78.

    Wzt art. 2 lid 2 en 3 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2016 t/m 31-12-2016 (verbatim gelezen 2026-10-22)) · draft5.220% × 19758.816 + 13.430% × max(0, 30670 − 19758.816) = 1031.41 + 1465.372

  5. Twee keer de standaardpremie min de normpremie; u en uw partner hebben samen één aanspraak. Uitkomst: € 439,22.

    Wzt art. 2 lid 1 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2016 t/m 31-12-2016 (verbatim gelezen 2026-10-22)); Wet op de zorgtoeslag art. 4 jo. Regeling vaststelling standaardpremie 2016, art. 1 · draft1468 + 1468 − 2496.782

  6. Het bedrag van de zorgtoeslag wordt afgerond op hele euro's. Uitkomst: € 439,00.

    Awir art. 14 lid 4 · draft439.218 → afgerond

  7. Is de zorgtoeslag minder dan € 24 per jaar, dan wordt zij niet toegekend. Uitkomst: € 439,00.

    Awir art. 14 lid 5 · draft439 ≥ 24

  8. Per kalendermaand: het jaarbedrag gedeeld door twaalf. Uitkomst: € 36,60.

    Wzt art. 2 lid 6 (tekst 2016; sinds 01-01-2021 lid 5) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2016 t/m 31-12-2016 (verbatim gelezen 2026-10-22)) · draft439.218 / 12

Wat de wet hier niet bepaalt