toeslagrecht

Voorbeeld zt-2018-rul-002

zorgtoeslag · 2018 · bron: ruling · niet geverifieerd

De bron

Rechtbank Midden-Nederland 5 februari 2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:668 (zaaknr. UTR 20/725), overwegingen (feiten): 'Het voorschot voor de zorgtoeslag bedroeg € 1.061 en voor het kindgebonden budget was dat € 1.599. Daarbij ging verweerder uit van een (geschat) gezamenlijk inkomen in 2018 van eiseres en haar echtgenoot van € 28.304. Daarna is bij verweerder bekend geworden dat het gezamenlijke inkomen van eiseres en haar echtgenoot in 2018 een stuk hoger lag, namelijk € 37.125. Omdat het gezamenlijke inkomen boven de maximale inkomensgrens van € 35.996 komt, hebben eiseres en haar echtgenoot geen recht meer op zorgtoeslag. Als gevolg hiervan moeten eiseres en haar echtgenoot € 1.661 terugbetalen' (zorgtoeslag en kindgebonden budget samen). Beroep ongegrond

https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:668 (opgehaald 2026-10-27)

Wat is ingevuld

partner
True
partner_verzekerd
True
toetsingsinkomen_aanvrager
37125
toetsingsinkomen_partner
0
rendementsgrondslag
—

Verwacht en berekend

VeldVerwacht (bron)Berekend (wettekst)Gelijk
tegemoetkoming0.000.00 (exact 0)ja

Zorgtoeslag 2018 definitief nihil voor een paar toeslagpartners op een gezamenlijk inkomen van € 37.125, boven de inkomensgrens met partner. De uitspraak noemt die grens: 'de maximale inkomensgrens van € 35.996'. Dat is precies de grens die de tekst van 2018 geeft met het onafgeronde drempelinkomen (€ 20.450,88; zie zt-2018-syn-022/-023): bij € 35.996 nog € 23,55 → € 24, bij € 35.997 € 23,41 → nihil (Awir art. 14 lid 4–5). Een naar beneden afgerond drempelinkomen (€ 20.450) zou de grens op € 35.995 leggen; de Dienst heeft het drempelinkomen voor 2018 dus niet naar beneden afgerond (DISCREPANCIES.md #1). € 37.125 ligt boven elke lezing van de grens, zodat deze uitkomst zelf #1 niet beslist; de grens die de uitspraak noemt doet dat wel. Wordt 'verified' op dezelfde voet (ASKS.md 9).

Stap voor stap, volgens de wettekst

Naar de letter van de wet krijgt u in 2018

€ 0 per jaar

Berekend € 0,00 per jaar, afgerond op hele euro’s (Awir art. 14 lid 4). Per maand is dat € 0,00. Dienst Toeslagen betaalt hele euro’s per maand en komt dan op € 0; waar dat afronden per maand in de wet staat, hebben wij niet gevonden.

Dit is wat de wet zegt voor wat u invulde. Het is geen advies en geen aanvraag; aanvragen doet u op toeslagen.nl.

Alle regels in deze berekening: draft.

  1. Uw toetsingsinkomen en dat van uw partner tellen samen. Uitkomst: € 37.125,00.

    Awir art. 7 lid 1 · draft37125 + 0

  2. Is het vermogen op 1 januari boven de grens, dan is er het hele jaar geen zorgtoeslag. Uitkomst: niet getoetst, want geen vermogen opgegeven.

    Wzt art. 2a lid 1 (tekst 2018) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2018 t/m 31-12-2018 (verbatim gelezen 2026-10-19)) · draftGeen vermogen opgegeven; de vermogenstoets is niet uitgevoerd.

  3. Het drempelinkomen: 108% van twaalf keer het minimumloon per maand van januari. Uitkomst: € 20.450,88.

    Wzt art. 1 lid 1 onder f; WML art. 8 lid 1 onder a · draft108% × 12 × 1578.00

  4. De normpremie: wat u volgens de wet zelf aan premie kunt dragen. Uitkomst: € 3.220,76.

    Wzt art. 2 lid 2 en 3 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2018 t/m 31-12-2018 (verbatim gelezen 2026-10-19)) · draft4.750% × 20450.88 + 13.490% × max(0, 37125 − 20450.88) = 971.417 + 2249.339

  5. Twee keer de standaardpremie min de normpremie; u en uw partner hebben samen één aanspraak. Uitkomst: € 0,00.

    Wzt art. 2 lid 1 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2018 t/m 31-12-2018 (verbatim gelezen 2026-10-19)); Wet op de zorgtoeslag art. 4 jo. Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2018, art. 1 · draft1546 + 1546 − 3220.756

  6. Het bedrag van de zorgtoeslag wordt afgerond op hele euro's. Uitkomst: € 0,00.

    Awir art. 14 lid 4 · draft0 → afgerond

  7. Is de zorgtoeslag minder dan € 24 per jaar, dan wordt zij niet toegekend. Uitkomst: € 0,00.

    Awir art. 14 lid 5 · draft0

  8. Per kalendermaand: het jaarbedrag gedeeld door twaalf. Uitkomst: € 0,00.

    Wzt art. 2 lid 6 (tekst 2018; sinds 01-01-2021 lid 5) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2018 t/m 31-12-2018 (verbatim gelezen 2026-10-19)) · draft0 / 12

Wat de wet hier niet bepaalt