Voorbeeld zt-2019-rul-021
zorgtoeslag · 2019 · bron: ruling · niet geverifieerd
De bron
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 9 januari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:60 (zaaknrs. BRE 21/2894 en 22/3072), citaten uit de uitspraak: 'Op 26 januari 2022 heeft de Dienst Toeslagen een melding ontvangen vanuit de BRI dat het inkomen van eiser in 2019 € 29.413,- bedraagt.' 'Op 2 februari 2022 heeft de Dienst Toeslagen een melding ontvangen vanuit de BRI dat zijn toeslagpartner in 2019 geen inkomen heeft ontvangen.' 'Naar aanleiding van deze inkomensgegevens heeft de Dienst Toeslagen met het primaire besluit II de zorgtoeslag voor het jaar 2019 definitief berekend op € 1.169,- en € 1.210,- teruggevorderd.'
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:60 (opgehaald 2026-11-01)
Wat is ingevuld
- partner
- True
- partner_verzekerd
- True
- toetsingsinkomen_aanvrager
- 29413
- toetsingsinkomen_partner
- 0
- rendementsgrondslag
- —
Verwacht en berekend
| Veld | Verwacht (bron) | Berekend (wettekst) | Gelijk |
|---|---|---|---|
tegemoetkoming | 1169.00 | 1169.00 (exact 1169) | ja |
Definitieve berekening 2019 (9 maart 2022): € 1.169 bij een inkomen van eiser van € 29.413 en geen inkomen van zijn toeslagpartner, zoals de BRI die op 26 januari en 2 februari 2022 meldde. De tekst van 2019 met partner: 2 × € 1.609 − (4,315% × € 20.940,768 + 13,52% × € 8.472,232) = € 3.218 − € 2.049,04 = € 1.168,96 → € 1.169 (Awir art. 14 lid 4). Een eerdere BRI-melding (17 maart 2021) stelde het inkomen van eiser op € 11.169 en dat van de partner op € 219; de beslissing van 9 maart 2022 volgt op de latere meldingen, zoals r.o. 3.2 zegt. De zoon als medebewoner telt voor de huurtoeslag, niet voor de zorgtoeslag (Awir art. 7 lid 1: partner). Het voorschot van dezelfde uitspraak is zt-2019-rul-020. Wordt 'verified' op dezelfde voet (ASKS.md 9).
Stap voor stap, volgens de wettekst
Naar de letter van de wet krijgt u in 2019
€ 1.169 per jaar
Berekend € 1.168,96 per jaar, afgerond op hele euro’s (Awir art. 14 lid 4). Per maand is dat € 97,41. Dienst Toeslagen betaalt hele euro’s per maand en komt dan op € 97; waar dat afronden per maand in de wet staat, hebben wij niet gevonden.
Dit is wat de wet zegt voor wat u invulde. Het is geen advies en geen aanvraag; aanvragen doet u op toeslagen.nl.
Alle regels in deze berekening: draft.
Uw toetsingsinkomen en dat van uw partner tellen samen. Uitkomst: € 29.413,00.
Awir art. 7 lid 1 · draft29413 + 0
Is het vermogen op 1 januari boven de grens, dan is er het hele jaar geen zorgtoeslag. Uitkomst: niet getoetst, want geen vermogen opgegeven.
Wzt art. 2a lid 1 (tekst 2019) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2019 t/m 31-12-2019 (verbatim gelezen 2026-10-18)) · draftGeen vermogen opgegeven; de vermogenstoets is niet uitgevoerd.
Het drempelinkomen: 108% van twaalf keer het minimumloon per maand van januari. Uitkomst: € 20.940,77.
Wzt art. 1 lid 1 onder f; WML art. 8 lid 1 onder a · draft108% × 12 × 1615.80
De normpremie: wat u volgens de wet zelf aan premie kunt dragen. Uitkomst: € 2.049,04.
Wzt art. 2 lid 2 en 3 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2019 t/m 31-12-2019 (verbatim gelezen 2026-10-18)) · draft4.315% × 20940.768 + 13.520% × max(0, 29413 − 20940.768) = 903.594 + 1145.446
Twee keer de standaardpremie min de normpremie; u en uw partner hebben samen één aanspraak. Uitkomst: € 1.168,96.
Wzt art. 2 lid 1 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2019 t/m 31-12-2019 (verbatim gelezen 2026-10-18)); Wet op de zorgtoeslag art. 4 jo. Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2019, art. 1 · draft1609 + 1609 − 2049.04
Het bedrag van de zorgtoeslag wordt afgerond op hele euro's. Uitkomst: € 1.169,00.
Awir art. 14 lid 4 · draft1168.96 → afgerond
Is de zorgtoeslag minder dan € 24 per jaar, dan wordt zij niet toegekend. Uitkomst: € 1.169,00.
Awir art. 14 lid 5 · draft1169 ≥ 24
Per kalendermaand: het jaarbedrag gedeeld door twaalf. Uitkomst: € 97,41.
Wzt art. 2 lid 6 (tekst 2019; sinds 01-01-2021 lid 5) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2019 t/m 31-12-2019 (verbatim gelezen 2026-10-18)) · draft1168.96 / 12
Wat de wet hier niet bepaalt
- zt-2020-art2-5oud: niet opgegeven of de partner zijn verzekeringsplicht (Zvw art. 2) is nagekomen (Wzt art. 2 lid 5, tekst 2020); gerekend alsof wel.
- afronding maandbedrag: de wet rondt het jaarbedrag af (Awir art. 14 lid 4), niet het maandbedrag; Dienst Toeslagen deelt in haar tabellen het afgeronde jaarbedrag door twaalf en rondt naar beneden af op hele euro's (grondslag niet gevonden in Awir, Wzt of Uitvoeringsregeling Awir).