Voorbeeld zt-2020-rul-009
zorgtoeslag · 2020 · bron: ruling · niet geverifieerd
De bron
Rechtbank Rotterdam 20 oktober 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:10386 (zaaknr. ROT 21/1133), r.o. 2.2: 'Bij besluit van eveneens 29 december 2020 is aan de partner van eiseres een voorschot zorgtoeslag over 2020 van € 1.238,- toegekend. Bij besluit van 10 mei 2021 is het voorschot zorgtoeslag over 2020 voor de partner van eiseres vastgesteld op € 1.834,-.' R.o. 3.1: de Dienst merkt de echtgenoot over 1 januari tot en met 31 december 2020 als toeslagpartner aan; 'Bij de berekening wordt rekening gehouden met haar inkomen van € 8.000,- en het inkomen van haar toeslagpartner van € 21.980,-, waardoor het geschatte toetsingsinkomen wordt vastgesteld op € 29.980,-.' Beroep gegrond (nieuwe berekening van de voorschotten van eiseres en haar partner opgedragen)
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2021:10386 (opgehaald 2026-10-27)
Wat is ingevuld
- partner
- True
- partner_verzekerd
- True
- toetsingsinkomen_aanvrager
- 21980
- toetsingsinkomen_partner
- 8000
- rendementsgrondslag
- —
Verwacht en berekend
| Veld | Verwacht (bron) | Berekend (wettekst) | Gelijk |
|---|---|---|---|
tegemoetkoming | 1238.00 | 1238.00 (exact 1238) | ja |
Voorschot zorgtoeslag 2020 van € 1.238 voor een paar toeslagpartners op een geschat gezamenlijk toetsingsinkomen van € 29.980 (€ 21.980 + € 8.000; de aanvrager is de echtgenoot, aan wie het voorschot is toegekend, de encoding telt de twee inkomens op). De tekst van 2020 geeft met een verzekerde partner 2 × € 1.642 − (4,140% × € 21.430,656 + 13,550% × (€ 29.980 − € 21.430,656)) = € 1.238,33 → € 1.238 (Awir art. 14 lid 4; via build.run_case). Het voorschot van eiseres zelf (€ 1.250, het maximum zonder partner, toegekend vóór het partnerschap met terugwerkende kracht werd aangenomen) noemt de uitspraak zonder het inkomen waarop het rustte; de latere vaststelling van het voorschot van de partner op € 1.834 (10 mei 2021) noemt geen inkomen. Beide zijn daarom geen case. De rechtbank droeg een nieuwe berekening op; het bedrag hier is wat de Dienst op 29 december 2020 op deze inkomens berekende. Wordt 'verified' op dezelfde voet (ASKS.md 9).
Stap voor stap, volgens de wettekst
Naar de letter van de wet krijgt u in 2020
€ 1.238 per jaar
Berekend € 1.238,33 per jaar, afgerond op hele euro’s (Awir art. 14 lid 4). Per maand is dat € 103,19. Dienst Toeslagen betaalt hele euro’s per maand en komt dan op € 103; waar dat afronden per maand in de wet staat, hebben wij niet gevonden.
Dit is wat de wet zegt voor wat u invulde. Het is geen advies en geen aanvraag; aanvragen doet u op toeslagen.nl.
Alle regels in deze berekening: draft.
Uw toetsingsinkomen en dat van uw partner tellen samen. Uitkomst: € 29.980,00.
Awir art. 7 lid 1 · draft21980 + 8000
Is het vermogen op 1 januari boven de grens, dan is er het hele jaar geen zorgtoeslag. Uitkomst: niet getoetst, want geen vermogen opgegeven.
Wzt art. 2a lid 1 (tekst 2020) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2020 (verbatim gelezen 2026-10-14)) · draftGeen vermogen opgegeven; de vermogenstoets is niet uitgevoerd.
Het drempelinkomen: 108% van twaalf keer het minimumloon per maand van januari. Uitkomst: € 21.430,66.
Wzt art. 1 lid 1 onder f; WML art. 8 lid 1 onder a · draft108% × 12 × 1653.60
De normpremie: wat u volgens de wet zelf aan premie kunt dragen. Uitkomst: € 2.045,67.
Wzt art. 2 lid 2 en 3 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2020 (verbatim gelezen 2026-10-14)) · draft4.140% × 21430.656 + 13.550% × max(0, 29980 − 21430.656) = 887.229 + 1158.436
Twee keer de standaardpremie min de normpremie; u en uw partner hebben samen één aanspraak. Uitkomst: € 1.238,33.
Wzt art. 2 lid 1 (BWBR0018451, geldend van 01-01-2020 (verbatim gelezen 2026-10-14)); Wet op de zorgtoeslag art. 4 jo. Regeling vaststelling standaardpremie en bestuursrechtelijke premies 2020, art. 1 · draft1642 + 1642 − 2045.665
Het bedrag van de zorgtoeslag wordt afgerond op hele euro's. Uitkomst: € 1.238,00.
Awir art. 14 lid 4 · draft1238.335 → afgerond
Is de zorgtoeslag minder dan € 24 per jaar, dan wordt zij niet toegekend. Uitkomst: € 1.238,00.
Awir art. 14 lid 5 · draft1238 ≥ 24
Per kalendermaand: het jaarbedrag gedeeld door twaalf. Uitkomst: € 103,19.
Wzt art. 2 lid 6 (tekst 2020; sinds 01-01-2021 lid 5) (BWBR0018451, geldend van 01-01-2020 (verbatim gelezen 2026-10-14)) · draft1238.335 / 12
Wat de wet hier niet bepaalt
- zt-2020-art2-5oud: niet opgegeven of de partner zijn verzekeringsplicht (Zvw art. 2) is nagekomen (Wzt art. 2 lid 5, tekst 2020); gerekend alsof wel.
- afronding maandbedrag: de wet rondt het jaarbedrag af (Awir art. 14 lid 4), niet het maandbedrag; Dienst Toeslagen deelt in haar tabellen het afgeronde jaarbedrag door twaalf en rondt naar beneden af op hele euro's (grondslag niet gevonden in Awir, Wzt of Uitvoeringsregeling Awir).